Prins Albert – 1977-1997

“Prins Albert” 1977 – 1997

Op 14 september 1977 werd de “Prins Albert” te water gelaten op de  op de werf van Cockerill Yards te Hoboken. Zij was het zusterschip van de “Prinses Maria Esmeralda” en de “Princesse Marie Christina” die enkele jaren voordien op dezelfde werf werden gebouwd en reeds in vaart waren.

Prins Albert (Sealink)

Prins Albert (Sealink)

Het 118,4 meter lange schip was oorspronkelijk 19,9 meter breed en had een diepgang van 4,52 meter. De capaciteit was oorspronkelijk 1120 passagiers en 300 auto’s  of 37 vrachtwagens en 46 auto’s. Dank zij de twee motoren van het type “Pielstick-Cockerill” van de “S.A. Cockerill-Ougrée-Providence” uit Seraing kon zij een gemiddelde snelheid van 22 knopen behalen.

In maart 1978 werd zij afgeleverd aan de Regie voor Maritiem Transport en op 13 maart 1978 maakte zij haar officiële eerste vaart (maiden trip) naar Dover, alhoewel zij reeds sedert 7 maart 1978 de vervanging verzekerde van de “Prince Laurent” die door herstellingen buiten dienst was.

Prins Albert (Ostend Lines)

Zowel in juli 1980 als in september 1981 had de “Prins Albert” te kampen met zware motorpech.

In Januari 1986 werd beslist om, na de “Prinses Maria-Esmeralda” en “Princesse Marie-Christine” ook de “Prins Albert“ drastisch te verbouwen op de Boel scheepswerf te Hoboken.

De verbouwing besloeg een verbreding van het schip, hierdoor kreeg het de bijzondere vorm met een verbrede bulb boven de waterlijn. De oorspronkelijke breedte van 19,9 meter werd met 3,4 meter vergroot tot 23,32 meter, de diepgang nam een halve meter toe tot 5,05 meter en de waterverplaatsing nam 730 ton toe tot 6.753 ton.

De verbouwing zorgde voor een toename van de capaciteit van het schip. Waar oorspronkelijk ruimte was voor 300 auto’s  of 37 vrachtwagens en 46 auto’s, biedt het schip nu ruimte voor 420 auto’s of 55 vrachtwagens en  46 auto’s. Het maximum aantal passagiers werd opgevoerd va, 1120 ,naar 1475.

Op 28 februari 1997 deed de “Prins Albert” zijn laatste reis voor de R.M.T., nl. Oostende – Ramsgate en terug. Daarna werd ze uit dienst genomen en te koop aangeboden.

Op 29 april 1997 werd de “Prins Albert” naar de haven van Duinkerke gebracht in afwachting van de verkoop.

Pas in mei 1998 werd het schip verkocht aan Hawthorn Shipping Co Ltd uit  Limassol, Cyprus, en herdoopt tot “Eurovoyager”. Na de verkoop werd zij opnieuw gecharterd door de “Sally Lines” en vanaf 12 juni 1998 tot 20 november 1998 verzorgde de “Eurovoyager” onder de vlag van “Sally Freight” opnieuw haar vroegere verbinding tussen Oostende en Ramsgate.

Eurovoyager ( TEF Lines)

Eurovoyager ( TEF Lines)

Op 21 november 1998  is Sally Line overgegaan in Transeuropa Ferries  (TEF). En zowel de “Eurovoyager” als  de zusterschepen “Primrose” en “Aqaba” bleven het grootste deel van de tijd varen op de lijn Oostende-Ramsgate, maar werden soms ook kortstondig gecharterd door de Marokaanse rederij Comarit om in het hoogseizoen te varen op lijndiensten tussen Spanje en Marokko.

In 2010 verzorgde de “Eurovoyager” het traject Almeria – Al Hoceima  (Marokko) voor rekening van de rederij Commarit, maar in september 2010 werd zij opgelegd in de haven van Almeria.

Vanaf 13 januari 2011 vaarde ze het tussen het Spaanse Algeciras en  de Marokaanse stad Tanger.

In december 2011 werd de “Eurovoyager” opgelegd in de haven van Messina (Sicilië) , alwaar ze te koop werd aangeboden.

In April 2012  werd de “Eurovoyager” verkocht aan een Turks afbraakbedrijf. Zij vaarde het van Messina (Sicilië)  naar Heraklion (Griekenland), waar het werd omgedoopt tot “Voyager” om onder Togolese vlag zijn laatste reis te maken naar de slopers in het Turkse Aliaga.

De slopingswerken begonnen op 30 april 2012.

Afbraak van de Voyager

Afbraak van de Voyager

de teksten mogen overgenomen worden mits bronvermelding ” www.oostendsenostalgie.be “

Dit artikel werd geplaatst in Oostendse maalboten en tagged , , , , , , , , , , , . Bewaar de permalink |

Comments are closed.